• Sanne Schrijft

Het adembenemende Zuidereiland van Nieuw-Zeeland

Wauw, wauw en nog eens wauw. Wat is Nieuw-Zeeland een prachtig land. We reizen inmiddels ruim twee weken rond over het Zuidereiland en we genieten intens. Laatst postte ik een foto op Instagram waarbij ik schreef: ‘Sorry voor de radiostilte, maar wij hebben even de tijd van ons leven’. En ik merk aan alles dat dat zo is. We zien zo veel mogelijk, genieten zo veel mogelijk en helaas schieten andere dingen er dan bij in. Zo had ik beloofd vaker te bloggen, alleen is de vorige blog ook alweer drie weken oud! Ik ga ook geen beloftes doen voor de toekomst (he-he). Ook was ik vorige week mijn column vergeten in de Peel & Maas. Wat een schande! Sorry voor iedereen die ik heb teleurgesteld. Vandaag praat ik jullie bij over onze avonturen.

Mijn vorige blog heb ik afgesloten in Nydia Bay. We hebben hier een zogenaamd WorkAway project gedaan. Je werkt een paar uur per dag in ruil voor kost en inwoning. Het eerste idee was om hier twee weken te blijven, echter hebben wij in overleg besloten dat we een paar dagen eerder zouden gaan. Op een of andere manier gaf deze ervaring ons het gevoel dat we ‘vast zaten’ en niet echt vooruit kwamen. Dat had natuurlijk ook te maken met het feit dat we de hele rondreis over het Zuidereiland voor de deur hadden staan.

Op zaterdag 27 april zijn we vertrokken uit Nydia Bay. Dezelfde dag zijn we richting Nelson gereden. Hier hebben we lekker door de stad geslenterd en heerlijk gegeten. De dag daarna zijn we doorgereden naar Abel Tasman National Park. De omgeving hier is prachtig! Het is te vergelijken met een hele tropische bestemming. Abel Tasman was een Nederlandse ontdekkingsreiziger die als eerste in dit gebied is geweest. Helaas was hij niet de eerste die Nieuw-Zeeland ontdekte, maar gelukkig werd het nationaal park wel naar hem vernoemd. Het is een vrij bekende ‘attractie’ in Nieuw-Zeeland. Het park is vrij lang en loopt volledig langs te kust. Er loopt ook een wandelroute – de Abel Tasman Coastal Track - van ongeveer 50 kilometer die je in een aantal dagen kunt voltooien. Wij zijn hier in totaal drie dagen geweest. De eerste dag kwamen we later aan en hebben we niet zo veel gedaan. De tweede dag hebben we ons met de watertaxi af laten zetten op ongeveer ¼ van de route bij Anchorage Bay, en zijn we teruggelopen naar onze camping. Dit was super gaaf! Eindelijk een keer een gemakkelijke wandelroute en het was prachtig weer. Voor de tweede dag hebben we een kajaktour geboekt in combinatie met een deel van de Abel Tasman Coastal Track. We zijn met de watertaxi afgezet bij Torrent Bay, net iets verder dan Anchorage. Vanaf daar hebben we wederom een stuk gelopen (nu de andere kant op) en kwamen uiteindelijk uit bij Bark Bay. Daar wachtte onze kajak-gids op ons. Misschien weten sommigen van jullie wel dat ik vrij snel zeeziek word. Nou dat gebeurde dus! Wij super enthousiast die kajak in, maar na tien minuten vond ik het wel weer prima. Het water was eigenlijk heel rustig maar ik kon het gewoon niet aan. Uiteindelijk hebben we wel de hele tour volgemaakt (ook een beetje lastig als je eigenlijk nergens aan wal kunt, behalve aan het einde van de tour) en ik heb het zelfs drooggehouden. We zijn rondom Tonga Island geweest met de kajak en daar hebben we een hoop zeehonden gezien. Aan het einde van het kajak avontuur zijn we met de watertaxi teruggegaan naar de camping. Al met al was het super mooi, en zou ik het toch ook zo weer opnieuw doen.


Vervolgens zijn we doorgereden naar Wharariki Beach, wat velen het mooiste strand van Nieuw-Zeeland vinden. En eerlijk is eerlijk, het was ook prachtig. Een super lang uitgestrekt strand met mega grote rotsblokken in het water en op het strand. Hier is de kans ook redelijk groot dat je zeehonden tegenkomt maar die hebben wij helaas niet gezien. Ondanks dat het hier inmiddels herfst is geworden hebben we echt wel geluk met het weer. We hebben nog niet veel regen gehad. Dezelfde dag hebben we in deze omgeving Cape Farewell en Farewell Spitt bezocht. Als je op Google Maps zoekt naar Farewell Spitt, zie je dat deze regio op een kiwi lijkt (het dier in dit geval). Hier zijn we naar het uitzichtpunt geweest, je kunt namelijk niet heel ver komen op de spit zelf. Dit is afgesloten en je kunt er alleen met een georganiseerde tour heen. Uiteindelijk zijn we diezelfde dag nog doorgereden naar Nelson Lakes National Park.


Hier hebben we voornamelijk genoten van alle uitzichten en de prachtige meren. Er zijn verschillende wandelingen die je hier kunt doen, alleen waren wij vrij lui en hebben we dit overgeslagen. Er zijn nog een hoop andere tracks die we graag willen doen, en deze stonden niet perse op de bucketlist. We hebben onze energie gespaard (ha-ha). Vanaf Nelson Lakes National Park hebben we met een stop bij Maruia Falls onze weg vervolgd richting Westport. Daar hebben we nog een bezoek gebracht aan Cape Foulwind. Een prachtige plek met een super gaaf uitzicht. Een bonus voor ons was een zeehondenkolonie die hier woont. Daar waren we niet van op de hoogte maar hebben we toch nog mooi even gezien. Het is super leuk om de zeehonden te zien zonnen op de rotsen aan het water. Vanaf Cape Foulwind hebben we onze weg vervolgd richting Punakaiki, waar je de bekende Pancake Rocks kunt bezoeken.


De dag daarna hebben we dus de welbekende Pancake Rocks bezocht. Een mooie plek met allemaal opgestapelde rotsen aan de kust. Deze lijken dus op pannenkoeken (surprise), en vandaar ook de naam. Het heet officieel ‘Pancake Rocks en Blowholes’ maar wij hebben geen Blowholes gezien. Waarschijnlijk was het weer te rustig. Vanaf de pannenkoeken reden we richting Greymouth. Je merkt op het Zuidereiland dat je echt tijdig moet tanken en boodschappen moet doen. Je kunt zo uren rijden zonder een tankstation of (mini)supermarkt tegen te komen. Meestal staat het gelukkig wel aangegeven. Zo ook de weg van Westport naar Greymouth, daar vind je 90 kilometer lang geen mogelijkheid om te tanken.


Omdat wij zo snel mogelijk naar Kaikoura wilden reizen, zijn we vanaf Greymouth naar de Oostkust gereden. Dit hebben we gedaan via Lewiss Pass en dat was een hele mooie route! We hebben uiteindelijk overnacht in Hamner Springs. Waarom deze plek zo bekend is geworden ben ik nog steeds niet achter. De omgeving is mooi en in de winter kun je hier skiën, maar verder begrijp ik niet heel goed waarom het zo populair is. We zijn na deze overnachting snel doorgereden naar Kaikoura. Hier wilden we zo graag naar toe om eindelijk wat wildlife te zien. Nieuw-Zeeland is namelijk een schitterend land, maar qua wildlife valt het erg tegen. In principe heb je hier veel dieren in het water en een hoop schitterende vogels, maar daar blijft het bij. Je vindt hier geen slangen of spinnen, daar ben ik dan wel blij mee. In Kaikoura hebben we direct drie tours geboekt. We gaan zwemmen met wilde dolfijnen, op zoek naar walvissen met de boot en op zoek naar walvissen in een klein vliegtuigje. Nu zijn we hier en gaan we ook voor de complete ervaring!


De eerste tour was het zoeken naar walvissen vanaf het water. Gelukkig leven de walvissen vrij dicht bij de kust en hoef je hier dus niet erg ver voor te varen. Gek he, want walvissen zwemmen normaal gesproken heel erg diep. In Kaikoura heb je een zogenaamde canyon onder water. Dit betekent dat het water vrij snel uit de kust ontzettend diep wordt, met een dieptepunt van 1600 meter. De walvissen zijn voor 45-60 minuten in de diepte, en vervolgens komen ze voor 5-10 minuten aan de oppervlakte om adem te kunnen halen. Die 5-10 minuten moet je dus goed timen. Gelukkig had de organisatie waarmee we zijn gegaan allemaal apparatuur waarmee ze kunnen horen of de walvis in de buurt is. Anders blijf je natuurlijk steeds rondjes varen in de hoop dat er een walvis bovenkomt. Dat is dus niet nodig! Het geluid wat de walvis maakt geeft aan of deze onderweg is naar de oppervlakte. Uiteindelijk was ie daar, spermwhale ‘Mattie-Mattie’. Super leuk, ze geven alle walvissen die rondom Kaikoura geven dus namen. Niet vanwege het huisdier-gevoel wat mensen graag willen, maar echt voor onderzoek. Ze herkennen de walvissen aan verschillende vormen in de staart. Maar daar was ie dus, een immense Spermwhale. Als hij op de oppervlakte ligt kun je eigenlijk niet eens heel veel zien, het lijkt net een platte boomstam die op het water drijft. Toch was het echt gaaf! Uiteindelijk moet je pas echt opletten op het moment dat de walvis weer gaat duiken. Dat is namelijk het enige moment dat je ‘m in z’n geheel kan zijn. De staart die uiteindelijk boven het water uitsteekt, daar doe je het natuurlijk voor. Missie geslaagd! Uiteindelijk hebben we op de terugweg richting de kust nog honderden dolfijnen gezien die rondom onze boot speelden, super leuk.


De dag daarna was het dan zover. Een echt item van mijn bucketlist zouden we snel genoeg kunnen afstrepen. Zwemmen met dolfijnen! En niet zomaar, nee met wilde dolfijnen midden op de open oceaan. En vergeet niet dat het hier herfst wordt, dus met ongeveer 15 graden op de thermometer ga je het water in. Ja, dat laatste was wel iets waar ik tegenop zag. Gelukkig kregen we een wetsuit aan van 7mm dik, inclusief muts, handschoenen en booties. Je krijgt eerst een uitgebreide instructie over hoe alles in z’n werk gaat. Hier leer je onder andere dat je je zoveel mogelijk moet gedragen als een dolfijn, om ze zo lang mogelijk bij je te houden. Ze verliezen immers snel hun aandacht. Na ongeveer vijf minuten op het water zien we al de eerste dolfijnen. Ze lijken niet echt geïnteresseerd dus varen we verder. Uiteindelijk spotten we een grotere groep. Dolenthousiast maken wij ons allemaal klaar om het water in te gaan. Met de kou viel het gelukkig mee! Eigenlijk heb ik er weinig tot niets van gevoeld. En wat een super toffe ervaring was dit. Zodra je in het water keek zag je overal dolfijnen om je heen! Naast je, onder je, om je heen, ze zijn constant in beweging. Tijdens de instructie hebben we geleerd dat je zo veel mogelijk geluid moet maken onder water, je kunt bijvoorbeeld een liedje zingen. Dit maakt het hele gebeuren ontzettend grappig, want iedere keer als je boven water kwam hoorde je allemaal geluid door alle snorkels! Als een dolfijn met je komt spelen kun je het beste rondjes draaien, de dolfijnen draaien gewoon mee. Super leuk, en als ze jou interessant vinden blijven ze wel een tijdje hangen. Uiteindelijk hebben we 30-45 minuten in het water gelegen, daarna hielden de dolfijnen het voor gezien. Maar het was echt super tof! Een hele bijzondere ervaring. Het zijn trouwens Dusky Dolphins en Common Dolphins.


Dezelfde middag hebben we nog een tour gepland staan om met een klein vliegtuigje op zoek te gaan naar walvissen. Helaas krijgen we te horen dat de boten in de ochtend geen walvissen hebben gezien, de kans zit er dus in dat wij ook niks te zien krijgen. Ik vond het allemaal spannend, ben sowieso niet echt een held met vliegen en het apparaat waar wij in zouden stappen was wel erg klein (zie foto). Maar goed, inmiddels zijn we opgestegen en geniet ik er bijzonder veel van! Het is helemaal niet eng en ik word er dit keer ook niet ziek van. Na ongeveer 15 minuten vliegen staan we weer aan de grond, we begrijpen er allemaal niet zo veel van. Ook hebben we geen walvissen of dolfijnen gezien. Uiteindelijk verklaart de piloot dat er helaas teveel laaghangende bewolking was, waardoor hij niet verder kon vliegen. Jammer! Een geluk bij een ongeluk voor ons: we kregen van deze tour al ons geld terug. Wij vonden het niet zo erg, we hebben immers toch een leuke vlucht gehad en de dag daarvoor al een walvis gezien. Niets te klagen dus.


Van Kaikoura zijn we doorgereden richting Christchurch. Hier wilde we graag op 9 mei zijn, omdat Angerfist (bekende Nederlandse DJ) hier een exclusieve show zou geven. Omdat we redelijk vroeg waren hebben we eerst een bezoek gebracht aan Akaroa, een dorp in de Banks Peninsula net onder Christchurch. Hier zijn we twee dagen geweest en hebben we een mooie tour gedaan waarbij we de Little Blue Pinguïn hebben gespot in het wild. Als je hier ooit in de buurt bent is deze tour trouwens echt een aanrader! Het is allemaal te danken aan een familie die in deze buurt woont dat de kolonie pinguïns nog niet is uitgestorven. Ze hebben de regio vrij gemaakt van ongedierte en hebben voor de pinguïns nestjes gebouwd. Zo kunnen ze veilig broeden en wordt de kolonie langzaamaan weer groter.


Na twee dagen zijn we weer richting Christchurch gereden. Hier zijn we met een aantal andere Nederlanders naar de exclusieve show van Angerfist geweest! Was een super leuke avond, maar qua show stelde het niet super veel voor. Angerfist is een wereldbekende DJ, en in Christchurch draaide hij in een hele kleine club die nog niet eens voor ¼ was gevuld met publiek. De muziek die hij draait (hardcore) is (nog?) niet echt populair in Nieuw-Zeeland. Dit gaf wel de mogelijkheid om achteraf met ‘m op de foto te gaan. Erg leuk!


De dag daarna hebben we met Femke en Nienke afgesproken in Christchurch. Femke heb ik leren kennen in Hamilton (misschien gaat er een belletje rinkelen) en zij is nu met een vriendin aan het rondreizen. Ze staan toevallig bij ons op de camping! Samen zijn we richting de stad gegaan en hebben super lekker gegeten. In de dagen die volgde hebben we alle toeristische attracties hier in Christchurch gezien. In 2016 is de stad getroffen door een zware aardbeving, waar je nog veel schade van kunt zien. Verder is Christchurch als stad niet echt spectaculair. We zijn naar het Canterbury Museum geweest en naar de botanische tuinen, maar dan heb je het ook wel gezien.


Vanuit Christchurch zijn we weer naar de westkust van Nieuw-Zeeland gereden. In principe hebben we dus al 2x de hele breedte van dit eiland gereden. Maar goed, we hebben tijd genoeg en alleen al de routes die je hier rijdt zijn gewoon adembenemend. Vanuit Christchurch naar Greymouth (aan de westkust) rij je via Arthur’s Pass. Wellicht zegt deze route je wel iets, veel noemen deze namelijk de mooiste route van Nieuw-Zeeland. Op de helft vind je Arthur’s Pass National Park, waar wij graag Avalanche Peak wilde beklimmen. Een barre tocht met een stijging van 1,2 kilometer in hoogte. Helaas werd ons door de DOC (Department of Conservation) afgeraden aan deze tocht te beginnen. Het is sowieso al twee dagen vrij slecht weer. Er valt super veel regen en ook de wind is vrij sterk. Op de top van Avalanche Peak ligt altijd sneeuw, en voor deze week verwachten ze dat de sneeuw al gaat vallen vanaf 1400 meter hoogte. Avalanche Peak ligt op 1800 meter hoogte. Dit betekent dat je de laatste 400 meter door de sneeuw zou moeten klimmen. We hebben besloten deze tocht (helaas) even te laten voor wat het is. Arthur’s Pass is verder wel echt adembenemend. Helaas waren de dagen dat wij hier hebben gereden erg grijs en regende het veel, maar we hebben al besloten deze route nog een keer te rijden over een tijdje. Het voordeel van de hoeveelheid regen is wel dat alle watervallen in volle glorie te aanschouwen zijn! Zo hebben we het water getrotseerd en zijn we naar Devil’s Punchbowl gelopen. Super gaaf!


Inmiddels rijden we verder richting de Franz Jozef Glacier, waar we binnenkort een heli-hike gaan doen. Een stuk in de helikopter en uiteindelijk een hike van 3 uur op de gletsjer zelf. Hier kijken we super erg naar uit.


Zo, nu ben je weer helemaal bijgepraat over alles wat wij de laatste weken hebben meegemaakt. We hebben het nog steeds super erg naar onze zin en denken er nog niet aan om terug naar Nederland te gaan (he-he, sorry mam). Ook al wordt het kouder, we zijn ook nog steeds echt blij met onze van. We hebben de verwarming al een aantal keer gebruikt maar deze werkt prima!

Helaas ga ik niet beloven om vaker te bloggen, we genieten super erg van onze rondreis en soms schiet dat er gewoon bij in. Maar deze – ultra – lange blog en de bijbehorende schitterende plaatjes maken natuurlijk een hoop goed.


Talk to you soon!


Liefs, Sanne Schrijft


Ps. Het is je vast al opgevallen, maar Paul heeft een nieuw kapsel 😉. Laat in de comments gerust weten wat je ervan vindt haha.





4 reacties